Weinig tijd of geen behoefte aan details?
Scroll naar beneden voor een samenvatting!

Of je nu nieuw bent in tantra of al een ervaren beoefenaar, het is sowieso waardevol om te weten welke vormen van tantra er bestaan.

En voor wie zich afvraagt waarom mensen bij het woord tantra altijd als eerste aan seks denken: wie weet krijg je daar nu ook een antwoord op.

In deze blog ga ik in op het onderscheid tussen neo-tantra en klassieke tantra. Hierbij moet ik gelijk opmerken dat het onmogelijk is om 100% compleet of correct te zijn, omdat we op vele manieren naar deze materie kunnen kijken én omdat woorden sowieso nooit ‘de waarheid’ kunnen vatten.

Kenmerken van neo-tantra
Laten we beginnen met neo-tantra. Dit is een moderne, westerse stroming waarin veel verschillende technieken en werkvormen worden gecombineerd.

Hoe het allemaal begon
Terugkijkend zien we dat de ontwikkeling van neo-tantra rond 1900 startte, met figuren als Pierre Bernard (VS) en Aleister Crowley (Engeland).

Deze mannen kregen allebei een fascinatie voor oosterse spiritualiteit en dan met name voor het feit dat in het Oosten spiritualiteit en lichamelijkheid/seksualiteit samen bleken te kunnen gaan. Iets wat in het christelijke Westen rond die tijd behoorlijk anders lag.

De twee mannen verdiepten zich in het aantrekkelijke idee dat seks toch echt meer is dan alleen iets biologisch of fysieks, namelijk een heilige energiebron of spirituele kracht.

Omdat ze geen van beiden het Sanskriet beheersten, gebeurde dit wel op basis van hun eigen interpretaties van tantrische geschriften en mondelinge overdrachten die ze ontvingen. Andere stromingen die op hen van invloed waren, waren de theosofie, het occultisme en westerse psychologie.

Kenmerkend was in ieder geval hun grote (en selectieve?) interesse in het thema seksualiteit en het is opvallend dat Pierre Bernard in 1910 betrokken raakte bij een schandaal rond het hebben van seks met vrouwelijke leerlingen. Schandalen rond leraren en seks zijn blijkbaar van alle tijden…

In de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw voltrok zich in het Westen de seksuele revolutie en tevens groeide in die tijd de interesse in oosterse spiritualiteit. De eerder genoemde ontwikkelingen van tantra pasten hier natuurlijk mooi bij.

Vanaf de jaren ’70 en ’80 maakte de Indiase guru Osho tantra bekender bij en toegankelijker voor westerlingen. Hij ontwikkelde diverse ‘actieve meditaties’ omdat hij van mening was dat de westerse mens te veel in z’n hoofd zat om gelijk naar meditatieve stilte te kunnen gaan. Dus: eerst je lichaam losschudden, stevig dansen of schreeuwen en dan pas stil op een kussentje zitten.

Osho was een voorstander van seksuele vrijheid, mits in bewustzijn beleefd. Als leraar werd hij door velen op handen gedragen, maar door anderen juist veroordeeld. Er zijn intussen verschillende documentaires waarin ook de schaduwkanten van deze community (met name in de jaren 80) helderder zijn geworden.

Overigens kan het goed dat Osho zichzelf onder ‘klassieke tantra’ zou hebben geplaatst. Zo werkte hij in zijn Book of Secrets met de Vijñāna Bhairava Tantra, een van de oude tantrageschriften. Maar hij gebruikte ook allerlei werkvormen die – zoals we straks zullen zien – niet in klassieke tantra terug te vinden zijn.

Sommige van zijn leerlingen, zoals Margot Anand en Ma Sarita Ananda, zijn zelf leraar geworden. Zij hebben meerdere boeken geschreven waarin het werken met seksuele energie een belangrijke plek inneemt. Het werken met polariteiten, zoals het mannelijke en het vrouwelijke, komt hier eveneens veel in terug.

Al met al is het ontstaan van neo-tantra in de vorige eeuw te plaatsen in een maatschappelijke ontwikkeling van seksuele en lichamelijke onderdrukking naar bevrijding. Meer en meer wilden mensen het lichaam niet langer als negatief of zondig zien, maar als positief en heilig.

Uiteraard hebben we het hier over een langzaam proces dat in feite nog altijd gaande is. Vandaag de dag hebben veel mensen in het Westen dan misschien minder last van het idee dat hun lichaam ‘zondig’ zou zijn, we zijn collectief (nog altijd) meer in ons hoofd aanwezig dan in ons lichaam.

Focus op seksualiteit
Het mag duidelijk zijn: in de eerste 100 jaar van haar bestaan lag de focus in neo-tantra behoorlijk op seksualiteit en intimiteit. Seks werd gepresenteerd als een poort richting het goddelijke en hogere bewustzijnsstaten. Dit wil niet zeggen dat neo-tantra hetzelfde is als ‘sacred sexuality‘. Dit laatste is een breder verschijnsel, met ook invloeden vanuit shamanisme en taoïsme.

Bredere focus
In de loop der tijd is de focus op seksualiteit binnen neo-tantra minder sterk geworden. Hoewel sommige tantrascholen zich hier nog wel op richten, omvat neo-tantra zo veel meer.

Mensen gaat niet alleen aan tantra doen vanuit een verlangen naar bevrijding op seksueel gebied, maar zeker of juist ook op andere gebieden. Ze willen minder in hun hoofd zitten en meer in hun lichaam voelen. Ze willen minder stress ervaren en meer mindful in het hier en nu zijn. Ze verlangen naar fijne, oprechte verbindingen met andere mensen, zeker in een wereld waarin we steeds meer individueel en online leven. Steeds vaker ook biedt tantra voor mensen een vorm van zingeving en spiritualiteit, los van religie en godsdienst.

Doelen
Neo-tantra heeft geen officieel geformuleerde doelen, mede omdat het geen uniforme traditie is.

Wel richt neo-tantra zich duidelijk op persoonlijke (bewustzijns)groei en op het creëren van meer plezier, vrijheid en ontspanning in het leven. Daarnaast wil het seksualiteit en spiritualiteit samenbrengen en een verdieping in intimiteit creëren.

In neo-tantraworkshops staat heel vaak het individu centraal. Zelfs als mensen als koppel meedoen. Bewust of onbewust gaat het vaak om vragen als: wat zijn mijn wensen, verlangens en grenzen, hoe kan mijn levensenergie meer gaan stromen en hoe kan ik meer genieten van intimiteit en seks en vrijer en meer ontspannen worden?

In onze individualistische westerse cultuur is dit zo vanzelfsprekend dat dit de meeste mensen niet eens zal opvallen. Maar iemand die afkomstig is uit een meer collectieve cultuur zal opmerken dat er in neo-tantra weinig aandacht is voor het grotere geheel of de gemeenschap. Evenmin gaat het over de vraag wie of wat dat ‘ik’ (de persoonlijkheid) ten diepste dan is. Deze spirituele laag, waarvan we zullen zien dat het de kern van klassieke tantra is, wordt in neo-tantra lang niet altijd geraakt.

Technieken en werkvormen
De technieken en werkvormen die je in neo-tantra tegen kunt komen zijn divers. Denk aan duo-meditaties waarin je een energie-uitwisseling visualiseert, dans, actieve meditaties, werken met het Wheel of Consent, verbonden ademhaling, emotioneel lichaamswerk, het activeren van kundalini (levensenergie), werken met chakra’s, psychologische oefeningen, sharing, inquiry, reflectieoefeningen, contactoefeningen en massage.

Centraal in dit alles staat, net als in klassieke tantra, het werken met het lichaam.

Concreet ziet dat er bijvoorbeeld uit als: diep ademen, geluid maken, huilen, mediteren, bewust oogcontact maken, langere tijd in stilte zijn, vrij dansen en bewegen, oprecht delen over gevoelens en worstelingen, oude pijn doorvoelen, intens genieten van mooie muziek of van ontspannen aanraking. Veel hiervan wordt in het begin als ‘buiten de comfortzone’ ervaren. Echter, als deelnemers zich veilig voelen en zich er aan over kunnen geven, is de ervaring meestal heel bevrijdend en ontspannen.

Neo-tantra is zeker niet alleen maar fijn knuffelen en intiem samenzijn. Door in bewustzijn samen te komen, komen oude pijnstukken vanzelf aan het licht. Tantra is geen therapie, maar kan wel therapeutisch werken. No mud no lotus (zonder door de modder te gaan, geen mooie lotusbloem) wordt ook wel gezegd.

Hoewel er uitzonderingen zijn, gebeurt al het bovenstaande bij de meeste tantra-aanbieders zonder expliciete seksuele handelingen.

Interactie & partnerwerk 
Neo-tantra wordt meestal in groepsverband beoefend, in de vorm van workshops, cursussen, festivals of retreats. Een boek of online programma voldoet namelijk vaak niet en begeleiding door een leraar kan helpen om structuur in de beoefening aan te brengen. Ook werkt het beoefenen in een groep van gelijkgestemden voor veel mensen krachtiger dan alleen thuis.

Sommige mensen kiezen ervoor om tantra (alleen) met hun liefdespartner te beoefenen. Dit gebeurt meestal vanuit een verlangen naar een andere beleving van intimiteit en seksualiteit binnen de relatie. Dit kan in groepsverband maar ook in een privésessie met een leraar of coach erbij.

Echter, de meeste mensen doen aan tantra juist zonder partner. In workshops doen ze dus oefeningen met mensen die ze meestal eerst nog niet kennen. Dat wat zich aandient in het contact met een ander wordt in neo-tantra als voer voor ontwikkeling en groei gezien.

Kleuren
Sommige aanbieders in neo-tantra maken een onderscheid tussen witte, (roze), rode en zwarte tantra, waarbij de verschillende kleuren met name verwijzen naar de mate waarin seksualiteit onderdeel van de beoefening is. Maar het is onduidelijk waar deze indeling precies vandaan komt en lang niet alle aanbieders gebruiken deze.

Als je ergens de term rode tantra zou tegenkomen, kun je er vanuit gaan dat expliciete seks onderdeel van de beoefening kan zijn.

Leraar-leerling relatie
In neo-tantra is er niet één duidelijke stroming waarvan de leer van leraar op leerling officieel is of nog steeds wordt overgedragen. Van de technieken van Bernard of Crowley uit de begintijd is weinig bekend. Osho is wel de belangrijkste leraren wiens leerlingen zelf ook weer leraar zijn geworden (zoals Margot Anand, Ma Ananda Sarita en Puja Richardson). Maar het is de vraag of dit via een formele overdracht is gegaan.

Geen initiatie
In tegenstelling tot in de (vroegere) klassieke tantra heb je als geïnteresseerde in neo-tantra geen formele initiatie nodig om toegang te krijgen tot de technieken. Neo-tantra is voor iedereen beschikbaar via boeken, online programma’s, workshops, cursussen, retreats en individuele sessies. Wel kunnen inhoud, vorm en stijl per plek heel verschillend zijn. Hoe langer je bij een leraar of school bent, hoe meer (diepgaande) technieken je waarschijnlijk aangeboden krijgt.

Kenmerken van klassieke tantra
Laten we nu naar klassieke tantra gaan, overigens ook wel tantra yoga genoemd.

Hierbij beperk ik me tot de kennis die ik heb van non-duale shaiva tantra, een vorm van hindoeïstische tantra. Ondanks vele jaren studie is dat nog altijd maar een klein deel, waarbij ik moet vertrouwen op de vertalingen en interpretaties van leraren (zoals Christopher Hareesh Wallis) die het Sanskriet beheersen. Disclaimertje dus: onderstaande informatie is zéker niet compleet of gegarandeerd 100% correct.

Substromingen
Klassieke tantra heeft eigen geschriften (tantra’s) als vaste basis. Daarmee is deze wereld duidelijker en meer vastomlijnd dan die van neo-tantra. De dingen staan op papier. En tegelijkertijd ook niet. Want door de geschiedenis heen zijn vele geschriften vernietigd of verloren gegaan. Toch zijn er dingen bewaard gebleven óf mondeling overgedragen.

Binnen klassieke tantra zijn er verschillende stromingen. Een belangrijk onderscheid dat we kunnen maken is tussen boeddhistische tantra en shaiva (hindoeïstische) tantra.

Mijn eigen achtergrond ligt zoals gezegd binnen de (non-duale) shaiva tantra, dus als ik het in deze blog over klassieke tantra heb, bedoel ik die stroming. Enkele substromingen binnen deze shaiva tantra zijn de trika-, de krama- en de kaulatraditie.

Andere benamingen voor non-duale shaiva tantra zijn tantrisch shaivisme, Kashmirisch shaivisme en Kashmirische shaiva tantra. De term Kashmir wordt door sommigen gebruikt omdat dat de regio in India was waar deze vorm van tantra sterk tot bloei kwam (tussen 800 en 1200 CE). Interessant genoeg is deze regio tegenwoordig vrijwel helemaal islamitisch.

Een andere indeling die binnen klassieke tantra gemaakt wordt, is die tussen linkshandige versus rechtshandige tantra maar dat voert voor nu te ver om op in te gaan. De non-duale shaiva tantra kan ook niet zomaar links- of juist rechtshandig genoemd worden.

Hoe het begon
Hoewel de mondelinge traditie mogelijk ouder is, dateren de eerste geschriften van non-duale shaiva tantra van rond 500 CE. Deze vorm van tantra ontstond in India als een mystieke, esoterische tak van het reguliere shaivisme, iets wat nu als een onderdeel van het hindoeïsme wordt beschouwd.

Spirituele zoekers die signalen vertoonden van ‘ontwaken’ (wij zouden wellicht zeggen: mensen die sterk voelen ‘dat er toch méér moet zijn’ en een verlangen naar spirituele diepgang hebben), konden naar een tantraleraar (guru) gaan. Als die leraar dit eerste ontwaken inderdaad herkende, kon iemand in de leer komen. Een leraar had een overzichtelijk aantal leerlingen die veelal bij hem of haar thuis kwamen. Na een initiatie kregen de leerlingen toegang tot en uitleg over vaak één specifiek geschrift. Die uitleg was ook echt nodig, want tantrageschriften zijn bewust cryptisch geschreven. Al deze zaken geven aan dat klassieke tantra een esoterische stroming was (exclusief voor ingewijden)

De afgelopen eeuw zijn op allerlei plekken in de wereld wetenschappers zich gaan toeleggen op het vertalen en interpreteren van oude geschriften die bewaard waren gebleven. Dit heeft de afgelopen jaren geleid tot een grotere bekendheid van klassieke tantra in het Westen. Denk hierbij aan teksten zoals de Vijñāna Bhairava Tantra, Tantrāloka en Tantrāsara, Shiva Sūtras en Spanda Kārikā.

De geschriften zijn dus nu meer toegankelijk voor het publiek dan eerst en dat betekent dat klassieke tantra minder esoterisch aan het worden is.

Doelen
Non-duale shaiva tantra heeft in tegenstelling tot neo-tantra duidelijke, formele doelen.

Alles wat je doet, staat in het teken van je proces van ontwaken en bevrijding. Je mag steeds meer gaan zien dat je niet de afgescheiden ‘ik’ bent die je denkt te zijn, maar dat je ten diepste bewustzijn bent, wat maakt dat je altijd met alles en iedereen verbonden bent.

Tegelijkertijd mag je ook nog steeds volop genieten van het leven, mits je het combineert met je spirituele proces (met daarin natuurlijk ook de oefening van onthechting).

Het gaat in deze vorm van tantra niet zozeer om het opzoeken van fijne situaties of om je verlangens per se te vervullen, maar om jezelf (energetisch) zo krachtig te maken dat je om kunt gaan met alle situaties, ook de lastige.

Net als in neo-tantra is ook in klassieke tantra het lichaam een heel belangrijk middel om mee te werken. Tantra wordt ook wel een belichaamd spiritueel pad genoemd.

Middelen
De middelen om tot bovenstaand doel te komen, zijn eveneens helder omschreven, bijvoorbeeld door de leraar Abhinavagupta die rond 1000 CE leefde.

Er worden verschillende soorten middelen (upaya’s) onderscheiden, die allemaal weer op een ander niveau werken. Denk daarbij aan allerlei vormen van meditatie, visualisaties (energiestromen door het lichaam visualiseren), technieken om om te gaan met emoties, luisteren naar de teachings van een leraar, gebruik van klank en mantra’s, gebruik van yantra’s (geometrische figueren), mudra’s (handhoudingen), werken met de kracht van goden en godinnen en allerlei soorten rituelen.

Voor de meeste mensen is het pad van ontwaken en bevrijding een lang proces. Daarom is een deel van bovenstaande technieken bedoeld voor het vrijmaken van oude pijnstukken en conditioneringen. Die hangen immers als een sluier over dat wat je werkelijk bent (bewustzijn). Hiermee is tantra een wat actiever pad dan sommige andere spirituele stromingen waarbij het ‘stil zitten’ en ‘simpelweg aanwezig zijn’ meer centraal staan.

In klassieke tantra vind je nauwelijks tot geen partnerwerk zoals je dat in neo-tantra vindt. Hoewel er dus wel stromingen waren met ook seksuele meditaties, waren deze in principe alleen voor de (ver)gevorderde beoefenaars bedoeld.

Tegelijkertijd wordt de kracht van de kula wel enorm erkend. Er is in klassieke tantra dus veel beoefening op jezelf, maar wel met een groep samen en zeker ook ‘for the benefit of all beings‘.

Mystiek en soms transgressive
Klassieke tantra kunnen we rekenen tot de mystieke stromingen. Dat wil zeggen dat het een afscheiding is van een mainstream godsdienst waarbinnen het niet gaat om het opvolgen van regels en het vereren van een god buiten jezelf, maar om een innerlijke spirituele zoektocht waarbij het goddelijke in alles gezien en gevoeld wordt, dus ook in jezelf en je lichaam.

Anders dan veel andere spirituele stromingen, kon klassieke tantra behoorlijk extreem zijn, tegen de grenzen van het acceptabele aan (‘transgressive’) – of daar zelfs overheen. Zo deden leerlingen in bepaalde substromingen extreme dingen om los te komen van ego en in weer andere substromingen kon ook seks onderdeel zijn van de beoefening.

Wat ook extreem was, was dat iedereen die volgens de leraar maar voldoende tekenen vertoonden van ontwaken, beoefenaar kon worden. Dat betekende: ook mensen uit lagere kasten of zelfs kastenlozen en ook vrouwen. Voor ons klinkt dat waarschijnlijk niet als extreem, maar in die tijd in India was dat het wel.

Pad voor householders
Klassieke tantra was en is een pad voor ‘householders’ oftewel voor mensen die vol in het leven staan. Je hoeft als beoefenaar dus niet, zoals in sommige andere spirituele stromingen, je ‘gewone’ leven te verlaten en in een klooster gaan wonen. Het is juist de bedoeling dat je al je spirituele inzichten en wijsheden in het dagelijks leven in de praktijk brengt. Dus op straat, tijdens je werk, in het opvoeden van je kinderen en in de relaties die je onderhoudt.

Leven en dood
In klassieke tantra hoort het omarmen van vergankelijkheid en de dood er helemaal bij. Dit is anders dan in neo-tantra, waar het eerder (alleen) gaat over het vieren van het leven.

Het omarmen van de dood kent hierbij verschillende lagen. Het gaat zowel om te wennen aan het idee van de fysieke dood van het lichaam als om ‘ego-dood’, oftewel het spirituele proces waarbij je de identificatie met je zelfbeelden en verhalen steeds verder loslaat (en het ego dus laat ‘sterven’).

Wat hebben beide stromingen te bieden?
Neo-tantra heeft absoluut veel te bieden.

Als je het langere tijd beoefent, haalt het je uit je hoofd en brengt het je meer in je lichaam. Het geeft je allerlei tools die je kunnen helpen om meer vrijheid, ontspanning en levenslust te gaan ervaren, evenals meer plezier in intimiteit en seksualiteit. Het kan een versteviging geven van wat ik het ‘functioneel ego’ noem: ontdekken wat je wel en niet wilt en hoe je goed voor jezelf kunt zorgen.

Dit alles kan als een heerlijk doorgaand feestje klinken, maar dat is neo-tantra zeker niet alleen maar. Vooral in een langer traject confronteert tantra je ook met je onverwerkte pijnstukken, zoals je angst voor afwijzing of falen, je arrogantie, je angst voor tekort, je perfectionisme, je onrust, je gehechtheden, je jaloezie, je ongeduld, je ongemak en al je andere verkrampingen. Je ontkomt er niet aan om ook te gaan voelen waar het nog niet stroomt of vrij is in jou.

Neo-tantra brengt verder ook een paar risico’s met zich mee.

Zo kan het gemakkelijk een gehechtheid aan positieve situaties, mensen en ervaringen creëren. Vanwege de focus op het verhogen van individueel plezier en genot, loert het gevaar van hedonisme; het belang en de waarde van ‘het grotere geheel’ kan gemakkelijk vergeten worden.

In mijn ogen mist in neo-tantra ook een grondige visie als het gaat om de vraag: waarom doen we dit nu allemaal? Neo-tantra heeft mij in ieder geval niet het inzicht gegeven dat het ‘ik’ waarvoor ik zo goed leerde zorgen, niet is wat ik ten diepste werkelijk ben. De spirituele diepgang miste ik erin.

Het was de klassieke tantra die deze spirituele diepgang wel bleek te bieden en waarin ik een stevig fundament vond. Voor mijn eigen proces en ook voor mijn werk.

Echter, in klassieke tantra mist dan weer het leren van de interactie met andere mensen, aangezien bijna alle onderdelen individueel worden gedaan. Klassieke tantra is verder minder makkelijk toegankelijk. Het is momenteel slechts op weinig plekken te leren en dan bijna alleen maar online. Het is ook eigenlijk wel de vraag of klassieke tantra echt gegeven kan worden door mensen die geen formele initiatie hebben ontvangen en ook niet zijn opgegroeid in de Indiase cultuur. Om deze reden zie ik mezelf absoluut niet als een ‘leraar klassieke tantra’, maar ‘gebruik ik elementen uit klassieke tantra’.

Kun je beide vormen combineren?
Niet iedereen is het met mij eens, maar ik ben van mening dat elementen uit neo-tantra en uit klassieke tantra prima gecombineerd kunnen worden. Noem het the best of two worlds.

In deel 2 van deze blog beschrijf ik heel concreet hoe bepaalde werkvormen zowel vanuit een neo-tantrische als vanuit een klassiek-tantrische invalshoek gedaan kunnen worden.

Meer info
Vanuit Bliss Your Body organiseren we regelmatig verdiepingsworkshops waarin de nodige elementen uit klassieke tantra zitten. Ook in de Intensive Tantra Training (123) combineren we neo-tantra en klassieke tantra.
Over klassieke tantra schreef ik eerder trouwens ook al deze blog.

wendy@blissyourbody.nl.


SAMENVATTING

Of je nu nieuw bent in tantra of al een ervaren beoefenaar, in beide gevallen is het waardevol om te weten welke vormen van tantra er bestaan. Deze blog gaat over het onderscheid tussen neo-tantra en klassieke tantra.

Neo-tantra
Neo-tantra is een moderne, westerse stroming die rond 1900 ontstond, mede onder invloed van figuren als Pierre Bernard, Aleister Crowley en later Osho. Zij combineerden oosterse ideeën met westerse invloeden zoals theosofie, occultisme en psychologie.

Aanvankelijk lag de nadruk sterk op seksualiteit als spirituele energiebron. Neo-tantra ontstond in een tijd van seksuele bevrijding en bood een alternatief voor westerse seksuele onderdrukking. Tegenwoordig is de focus breder: het gaat ook om lichaamsbewustzijn, emotionele heling, verbinding, zingeving en persoonlijke groei.

Kenmerken van neo-tantra:

  • Geen vaste leer of initiatiestructuur

  • Publiek toegankelijk via workshops en trainingen

  • Veel partner- en groepswerk

  • Gericht op individueel bewustzijn, plezier en vrijheid

  • Technieken zoals ademwerk, meditatie, lichaamswerk, dans en inquiry

Hoewel seksualiteit een belangrijke rol speelt, vinden bij de meeste tantra-aanbieders geen expliciete seksuele handelingen plaats.
Neo-tantra kan therapeutisch werken, maar mist vaak een diep uitgewerkte visie op het spirituele, mystieke aspect van tantra.

Klassieke tantra
De tekst focust op de non-duale shaiva tantra (Kashmirisch shaivisme), een hindoeïstische, mystieke stroming die rond 500 CE in India ontstond en tot bloei kwam tussen 800 en 1200 CE.

Belangrijke teksten zijn onder andere de Vijnana Bhairava Tantra, Tantraloka en de Shiva Sutras.

Klassieke tantra is:

  • Esoterisch (voor ingewijden, met initiatie door een guru)

  • Gericht op bevrijding (moksha)

  • Gefundeerd in vaste geschriften

  • Niet gericht op partnerwerk

  • Technieken zoals meditatie, mantra, klank, visualisaities, yantra’s, mudra’s en werken met de kracht van goden en godinnen

Het doel is spiritueel ontwaken: het inzicht dat men niet het afgescheiden ego is, maar bewustzijn zelf. Praktijken omvatten meditatie, mantra’s, visualisaties, rituelen en energetisch werk. Seksuele rituelen bestonden in sommige stromingen, maar waren voorbehouden aan gevorderde beoefenaars.

Klassieke tantra wordt gekenmerkt door mystiek, soms grensoverschrijdende (‘transgressieve’) praktijken en het omarmen van vergankelijkheid en ego-dood.

Vergelijking
Neo-tantra richt zich op persoonlijke groei, plezier, intimiteit en integratie van seksualiteit en spiritualiteit. Het kan bevrijdend en helend werken, maar loopt het risico op individualisme of hedonisme.

Klassieke tantra biedt een diep spiritueel fundament en duidelijke bevrijdingsdoelen, maar mist het interactieve partnerwerk van neo-tantra en is minder toegankelijk.

Ik ben van mening dat beide vormen gecombineerd kunnen worden: neo-tantra voor lichaamsbewustzijn en leren van elkaar, klassieke tantra voor spirituele diepgang.
Meer hierover lees je in deel 2 van deze blog.